Crombez weigert het debat

Bart De Wever gooide een steen in de kikkerpoel met een betoog over de spankracht van onze sociale zekerheid in tijden van grote migratiestromen. Naar een inhoudelijk debat werd toch zo veel gevraagd en dus waren we allemaal benieuwd naar de antwoorden. De politieke linkerzijde hield over de kern van het debat de lippen echter stijf op elkaar.

 

Het opgemerkte opiniestuk van Bart De Wever in De Morgen werd geplaatst met een titel die de essentie meteen weergeeft: ‘links moet kiezen: open grenzen of de welvaartstaat’. BDW leverde een stevige inhoudelijke bijdrage aan het debat door de vraag op de roepen hoe ver solidariteit kan gaan? Want solidair zijn met iedereen is hetzelfde als solidair zijn met niemand. Die onbegrensde solidariteit verwatert dan tot onooglijke symboliek. Het doet me denken aan dat liedje: “Ik hou van alle vrouwen, mijn hart is veel te groot”. Kom er thuis niet mee af want van iedereen evenveel houden, ontneemt net de kern van liefde, namelijk dat je iemand uit de massa tilt. Met vriendschap is het niet anders, met solidariteit evenmin.

 

Daarmee bracht De Wever een te weinig belicht kernpunt van het debat scherp onder de aandacht. Je zou dan verwachten dat de uitdagende titel een inhoudelijk weerwoord uitlokt. John Crombez, voorzitter van de sp.a, deed een worp met een tegenstuk in De Morgen. ‘Waarom mensen criminaliseren die hun geweten volgen, mijnheer De Wever’, luidt de agressieve kop van zijn repliek.

 

Tja, criminaliseren? Kan ontkend worden dat bepaalde acties van de ngo’s die actief zijn in het Maximiliaanpark of het Noordstation op gespannen voet staan met artikel 77 van de wet ‘betreffende toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen’ (onder het artikel geciteerd)?

 

Maar geen nood, ze ‘volgen hun geweten’. Vreemd alleszins dat het inroepen van het geweten een argument kan zijn om zelfs de toets met de wet af te wijzen. Waarvoor dienen al die wetboeken, zou je denken. Het ‘goed bedoelen’ volstaat blijkbaar ruimschoots als criterium tussen juist en fout en zelfs tussen wettelijk en onwettelijk.  

 

Overigens mag je van een socialist toch verwachten het verschil te kennen tussen liefdadigheid (zoals die te vinden is bij de goed menende mensen die transitmigranten soep en matras bieden) en de structurele solidariteit die aan de grondslag ligt van onze sociale zekerheid. Over dat laatste heeft De Wever het en hij waarschuwt dat die onder de druk zal bezwijken als we de grenzen (te ver) openen.  Hij beweert nergens dat de liefdadigheid zal verdwijnen. In tegendeel; door te verwijzen naar het Noordamerikaans samenlevingsmodel geeft hij net aan dat vrijblijvende liefdadigheid het bij een open grenzenbeleid zal overnemen van de structurele solidariteit van het sociale zekerheidsstelsel.  

 

Crombez vindt toch iets gutmenscherig in zijn N-VA-collega en “dat biedt hoop om een écht debat te voeren over de toekomst van onze welvaartsstaat, op basis van échte argumenten en échte cijfers”, schrijft hij. Wat dat betreft, lezen we, “stelt u (BDW) mij teleur”.  Even verder in de tekst vloeit dan weer uit Crombez’ pen: “Het zijn niet de oorlogsvluchtelingen maar wel uzelf die al meer dan 5 miljard geschrapt heeft in de sociale zekerheid”. Onze liefhebber van “échte cijfers” gaat hier alvast uit de bocht want de uitgaven in de sociale zekerheid zijn onder de regering-Michel niet gedaald maar gestegen.

 

Crombez situeert de acties van zondagavond. “Zouden die meer dan 2.000 Belgische burgers aan die waarden <van christendom en Verlichting> gedacht hebben, toen ze aan het Noordstation stonden? Neen. Het is veel simpeler dan dat, mijnheer De Wever: ze wilden gewoon mensen helpen. Zonder na te denken…” Dat ze mensen willen helpen, siert hen. Maar het is de verantwoordelijkheid van politici natuurlijk om wél na te denken en de consequenties van spontane acties in te schatten. Zoals Bart De Wever heeft gedaan. Laat emoties nooit het oordeelsvermogen bepalen, leerde mijn grootmoeder ons en dat was een wijs mens.

 

Hoog tijd om ons richten op de essentie van het debat, door BDW als volgt samengevat in zijn tekst: “Links moet eens durven door te spreken: wat willen ze? Moeten we iedereen opvangen en moet die opvang via inwijking gebeuren? Mij goed, maar dan kunnen we ons sociaal systeem niet meer op het huidige niveau handhaven. Als we dat pad kiezen, resten er ons twee opties: een gesloten sociale zekerheid die enkel toegankelijk is voor mensen die ertoe bijdragen of het ineenstorten ervan.” De stelling dat een open grenzenbeleid zoals links dat voorstelt de sociale zekerheid ondergraaft, kan op twee manieren tegengesproken worden. Ofwel ondergraaft het die niet; ofwel stelt links geen open grenzenbeleid voor.

 


Het is duidelijk wat de linkerzijde niet wil. Maar wat stellen Crombez en de zijnen (inclusief Groen dus) dan wél voor aan doeltreffende maatregelen?


 

Volgens Crombez ziet De Wever spoken. “Maak u geen zorgen: in tegenstelling tot wat u schrijft, beseffen zij dat open grenzen geen optie zijn. Niemand beweert dat. Niemand vraagt dat. Geen enkel land kan dat.” Daarmee geeft de sp.a-voorzitter zijn N-VA-collega dus al meteen gelijk op de eerste stelling. Geen enkel land kan open grenzen aan. Zoals BDW ook beweert.

 

En dan denk je dat het debat begint over dat tweede deel maar de lezer is er aan voor de moeite. Niet één letter heeft Crombez ter beschikking om aan te geven waar de grens voor hem dan wel ligt; waar en hoe hij ze wil sluiten. We moeten ons tevreden stellen met de losse flodder dat ‘niemand open grenzen wil’.

 

Wie het (parlementaire) debat wat volgt, weet perfect wat de linkerzijde niet wil. Geen push-backs, geen EU-Turkijedeal, geen afspraken met Libië, geen samenwerking met Soedan, illegalen niet oppakken voor repatriëring als ze zich achter een voordeur verschuilen, …

 

Het is duidelijk wat de linkerzijde niet wil om grenzen te controleren. Maar wat stellen Crombez en de zijnen (inclusief Groen dus) dan wél voor aan doeltreffende maatregelen? Toen ik de vraag stelde in het Kamerdebat op 11 januari 2018 bleven we op onze honger. Ook Crombez doet niet eens een poging om op die vraag een antwoord te geven en dat in een tekst die als kernpunt heeft: neen, wij willen geen open grenzen.

 

De sp.a-voorzitter verweet Bart De Wever in de vooravond niet in debat te willen gaan voor de camera’s. Maar Crombez ontwijkt zelf totaal het debat in de tekst die hij als repliek indient. Een beschaafde polemiek had ons kunnen inlichten over zijn plannen. Via het geschreven woord kan ook een debat gevoerd worden, dat moet niet per se met snelle oneliners voor een televisiecamera. De sp.a-voorzitter miste gisteren de kans om ons met zijn pen te verlichten. Of heeft hij gewoon geen antwoord?

 

Wie wel optrad in Terzake was Mark Elchardus, het wat dwars denkend lid van Crombez’ familie. Daar zette die enkele stevige puntjes op i’s: “Wie zich verzet tegen identificatie en repatriëring van illegalen, opteert voor open grenzen. Ze kunnen niet meer zeggen we zijn tegen open grenzen, in feite zijn ze wel voor open grenzen. En ik denk dat we die discussie duidelijk moeten voeren.”

 

Daar ben ik het helemaal mee eens. De Wever deed het, Crombez blijft weigeren. Om het met zijn eigen woorden te zeggen: “Daarin stelt de sp.a-voorzitter mij teleur.”

 

(Nota: Meyrem Almaci, voorzitster van Groen, reageerde ook maar blijkt in hetzelfde bedje ziek als Crombez. Ze weigeren Samen om BDW in zijn kernvraag van antwoord te dienen.)

 

Artikel 77 van de Wet  betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen van 15 december 1980, zoals aangepast in 2005:


"Hij die wetens en willens een persoon die geen onderdaan is van een lidstaat van de Europese Unie helpt of poogt te helpen het grondgebied van een lidstaat van de Europese Unie of van een Staat die partij is bij een internationale overeenkomst betreffende de overschrijding van de buitengrenzen, die België bindt, binnen te komen of aldaar te verblijven, dan wel erdoor te reizen, zulks in strijd met de wetgeving van deze Staat, hetzij in de handelingen die de binnenkomst, de doorreis of het verblijf voorbereid hebben of ze vergemakkelijkt hebben, hetzij in de feiten die ze voltooid hebben, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot een jaar en met geldboete van zeventienhonderd euro tot zesduizend euro, of met een van die straffen alleen.

Het eerste lid is niet van toepassing indien de hulp voornamelijk om humanitaire redenen verleend wordt."




Hier geplaatst op 25 januari 2018. 

 

Foto: © Belga

 

TIP: Dankzij internet kunnen wij ook veel mensen bereiken buiten de klassieke media om. Help daarbij en deel dit artikel. Gewoon op de knop hieronder drukken.


Share this
delen