"We pakken alles af van de CD&V. Zelfs haar tjevenpraat"

Wekelijks gaan Peter De Roover en Kristof Calvo met elkaar in debat in de Kamer, nu doen ze dat voor het eerst met een opnametoestel op tafel. Ter lering, en ook wel vermaak. ‘Deze regering heeft eigenlijk geen oppositie nodig.’


In de Kamer is N-VA’er Peter De Roover fractieleider van de grootste regeringspartij, en Kristof Calvo (Groen) een van de meest vinnige opposanten. Ook op sociale media staan ze geregeld met getrokken messen tegenover elkaar: beiden discussiëren graag op het scherp van de snee. Tegelijk hebben ze een zeker Statler & Waldorf-gehalte, met pittige humor die de meningsverschillen draaglijk maakt. Het was niet anders toen Knack beide heren vroeg om het debat aan te gaan over de kwaliteit van de regering en de oppositie, en het niveau van het parlementaire debat.


Halfweg het gesprek opent fotograaf Hatim Kaghat een fles Spa. Het bruiswater spuit eruit.

 

Kristof Calvo: (als gastheer, het interview vindt plaats in een zaaltje van de groene fractie) Je ziet, wij serveren ook cava.

 

Peter De Roover: Jullie koelkast zit nog vol flessen cava omdat jullie nog geen reden hadden om die te ontkurken.

 

Calvo: Zou jij niet beter stand-upcomedian worden? (lacht) Ze zoeken vast iemand die af en toe een uurtje slechte moppen komt tappen. In een rusthuis.

 

De Roover: Met jou in mijn voorprogramma?

 

Nochtans woeden er in de Kamer van Volksvertegenwoordigers ernstige debatten: over de aankoop van nieuwe straaljagers, over vluchtelingen en asielzoekers, over de pensioenen en het energiebeleid – of toch wat daar nog van overblijft. Want zelfs binnen de meerderheid worden vragen gesteld over de kwaliteit van het regeringswerk.


Meneer De Roover, volgens Bart De Wever, is ‘de dash’ uit deze regering.

 

De Roover: Het is onmiskenbaar dat het regeringsbeleid een beetje is stilgevallen. Niet dat het een drama is. Tot nu toe hebben alle meerderheidspartijen in het parlement elke keer dezelfde knopjes ingedrukt, deze meerderheid hangt beter aan elkaar dan men denkt.

 

Maar we naderen de verkiezingen, en dan begint elke partij zich wat meer te profileren. Wij zeggen nu: de regering-Michel heeft heel wat mooie dingen gerealiseerd, maar er had wel wat meer van het N-VA-programma in gemogen. Ik heb met veel belangstelling het nieuwe rapport van de academische pensioenraad gelezen. Ik vat het samen als: de regering had verder moeten gaan in die pensioenhervorming, en wel volgens het pad dat de N-VA heeft uitgetekend. Dat geldt ook voor het begrotingsbeleid. Deze regering voert ons programma niet helemaal uit. Dat is uiteraard een jammerlijke zaak, maar het is in een coalitie ook wel logisch.


Een begroting in evenwicht was wel één van de belangrijkste verkiezingsbeloften van de N-VA.

 

De Roover: We gaan van een tekort van 3 procent onder Di Rupo naar 0,7 procent onder Michel. We hadden naar nul kunnen gaan, maar dan hadden we de belastingen moeten verhogen. Wanneer de oppositie zegt dat we iets moeten doen aan het tekort, vraag ik of ze meer wil besparen of meer belastingen wil heffen.


Voor de verkiezingen sprak de N-VA ook niet over de verhoging van de pensioenleeftijd.

 

De Roover: Ik geef toe dat dit het enige punt van het regeerakkoord is dat in geen enkel verkiezingsprogramma stond, en ik weet dat we ons niet populair maken met de verhoging van de pensioenleeftijd. Tegelijk was het de meest logische maatregel om in te voeren.

 

We weten toch dat we in België nog altijd vijf jaar vroeger met pensioen gaan dan in onze buurlanden? Wie dat rode licht negeert, doet op een totaal onaanvaardbare manier aan politiek. De verhoging van de pensioenleeftijd stond trouwens ook in het pensioenrapport van Frank Vandenbroucke. Wat mij betreft, hadden we meer moeten doen met zijn aanbevelingen. Deze regering had gerust het pensioen met punten mogen doorvoeren.

 

Calvo: Peter heeft niets tegen oneliners, dus hier komt er weer eentje: deze regering bespaart zoals klassiek rechts, boekt de slechte begrotingsresultaten van klassiek links, maar zonder te durven investeren zoals een progressieve groene partij dat zou doen. Met een actieve economische strategie, een taxshift die de lage en middeninkomens beloont, zouden wij naar dat begrotingsevenwicht toewerken. Maar ik zeg niet dat wij sneller zouden gaan of harder zouden willen besparen dan deze regering. Wij zijn nooit begrotingsfetisjisten geweest.

 

De Roover: Ik verwijt de oppositie en dus ook Groen dat ze in het debat over fiscale rechtvaardigheid in het hoekje van de populisten zitten. Een populist is iemand die zegt: er is een probleem, we hebben een eenvoudige oplossing en de mensen zullen er niets van voelen. Als jij het hebt over een gebrek aan rechtvaardige belastingen wek je de indruk: ‘Jullie, betreurenswaardige werkmensen, houden de overheid recht en intussen ontspringen die rijke patsers de dans.’ Kristof, de 10 procent mensen met het hoogste inkomen, hoeveel procent van de personenbelasting betalen die? Doe eens een gokje. Als jij het niet weet, zal ik het zeggen: de 10 procent hoogste inkomens betaalt 43 procent van de belastingen. En weet je hoeveel belastingen de minst verdienende helft betaalt aan personenbelasting? 6 procent. Ik heb er niets op tegen. Maar erken dan dat ons hele systeem momenteel gedragen wordt door de mensen die veel verdienen.

 

Calvo: Door arbeid. Je bevestigt eigenlijk mijn punt. Ik maak mij vooral zorgen om de toenemende vermogensongelijkheid, over het kapitaal dat mensen bezitten en waar ze soms helemaal niets voor hoefden te doen. We moeten de fundamentele vraag durven te stellen: welke rijkdom is écht zelf verdiend? De kloof tussen arm en rijk is te groot om alleen door eigen inspanningen verklaard te kunnen worden. Niet de islam, maar de ongelijkheid is wat onze samenleving echt verdeelt.

 

De Roover: Wij hebben de roerende voorheffing toch verhoogd tot 30 procent? Dat is een taxshift. De totale belastingen zijn verlaagd, maar op kapitaal zijn ze verhoogd. Dát is de waarheid. Het verhaal van de oppositie dat wij een regering voor de rijken zijn, is dat niet.

 

Calvo: De regering-Michel klopt zich vooral op de borst dat ze inzake eerlijke fiscaliteit meer doet dan de regering-Di Rupo, met socialisten. Inderdaad, er is nu een Kaaimantaks, vroeger was die er niet. Maar jullie zouden toch iets ambitieuzer moeten zijn dan ‘beter doen dan de socialisten’?

 

De Roover: Ik vind dat al heel flink, op het vlak van rechtvaardige fiscaliteit beter doen dan de socialisten. (tegen Knack) Heren, als jullie nog geen titel hadden, Kristof heeft er één: ‘Deze regering doet het beter dan de socialisten.’

 

Calvo: Met een sterretje erbij: ‘maar nog lang niet goed genoeg’.

 

De Roover: We mogen de tak niet afzagen waarop we onze economische welvaart hebben gebouwd. Jullie doen alsof kapitaal een vat is waarin je een tap kunt slaan, en dat dan maar blijft lopen. Maar la donna e mobile , en het kapitaal ook. Je kunt economische investeringen zo zwaar belasten en ontmoedigen dat het kapitaal wegvloeit naar het buitenland. Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) is daar beducht voor. Hij zal dus nooit vooruitlopen op de andere Europese landen met zulke maatregelen. Die 30 procent roerende voorheffing is absoluut de bovengrens.

 

Calvo: Onze belastingen zitten nog altijd crazy in elkaar. We zeggen tegen onze kinderen: ‘werk en onderneem’, niet ‘vervuil en speculeer’. Maar de belastingen zeggen het omgekeerde. Arbeid belasten we kapot, terwijl het een belasting is op echte inspanning, op bloed, zweet en tranen. Ik vind het rechtvaardig om euro’s uit kapitaal even hoog of zelfs méér te belasten dan euro’s uit arbeid.


Kapitaal is niet altijd de beloning voor een inspanning of een risico. Rijkdom creëert ook rijkdom uit zichzelf.

 

De Roover: Een belegging is ook een risico. Het is logisch dat daar een beloning tegenover staat.

 

Calvo: Iemand die in armoede leeft, neemt ook risico’s. Wat is je eigen verdienste in succes en falen? Rechts zegt dat succes en falen altijd verdiend is. Je hoort dat bij N-VA’ers zoals Liesbeth Homans en Zuhal Demir: het is míj gelukt, dus moet het iedereen lukken. In werkelijkheid spelen factoren zoals geluk en toeval ook mee. Dat Demir vandaag staatssecretaris is, heeft ze uiteraard in grote mate aan haar wilskracht en talent te danken. Maar ook aan haar ouders, aan de omgeving waarin ze opgroeide, en misschien had ze het geluk dat ze op een goede leraar botste, zoals Peter De Roover. Als ik de N-VA íéts kwalijk neem, is het dat ze van de samenleving een voortdurende competitie maakt tussen winnaars en verliezers. Wie een loser is, moet de oorzaak bij zichzelf zoeken.

 

De Roover: Dat is net zo’n karikatuur als wanneer als ik zou zeggen dat links nog altijd vindt dat niemand verdienste heeft aan zijn eigen geluk, en als het misloopt, is het altijd de schuld van onze structuren.


Ook het identiteitsdebat leeft van karikaturen. Zoals deze uitspraak van Bart De Wever: ‘Joden vermijden conflicten. Dat is het verschil met moslims.’

 

De Roover: Vindt u dat een karikatuur? Ik loop vaak rond in de stationsbuurt in Antwerpen, waar veel chassidische joden wonen. Weinigen van hen veroorzaken maatschappelijke problemen.

 

Calvo: Dat is toch het toppunt van cultuurrelativisme! Eigenlijk willen jullie dat minderheden en nieuwkomers ons met rust laten en eigen scholen bouwen, dan is het goed. Jullie zijn feitelijk voor segregatie. Ik verkies dat ze hun plek opeisen in de publieke en maatschappelijke ruimte, ook al doen ze dat met een hoofddoek en zorgt dat voor wrijvingen.

 


"Onze samenleving was geen onbewoond eiland waar de laatste jaren verschillende schepen hebben aangemeerd"



Bart Somers (Open VLD) zegt: we zijn allemaal nieuwkomers in deze hyperdiverse samenleving, dus moeten we ons allemaal aanpassen.

 

De Roover: Wij verwerpen manifest het beeld dat dit land een onbewoond eiland was waar de laatste jaren verschillende schepen hebben aangemeerd. Dit is een bewoond land. Het verschil tussen de N-VA en uiterst rechts is dat wij ervoor openstaan dat nieuwkomers meeparticiperen in de samenleving. Maar niet vanuit het idee: ‘deze maatschappij is een wit blad papier, hier is geen geschiedenis, geen traditie, geen identiteit’. Die zijn er wél. Dit land heeft een geschiedenis, er hebben zich eigen tradities ontwikkeld, en er is ook een maatschappelijk project dat van ons blijkbaar een aantrekkelijk land maakt. Die evolutie is al eeuwen bezig. Dat gooien wij niet overboord. Wij willen de woordvoerders zijn van alle mensen die vasthouden aan onze geschiedenis, onze waarden en normen en ons maatschappelijke project.


Dan wordt handen schudden een beschavingskwestie. De Genkse burgemeester Wim Dries (CD&V) aanvaardt zo nodig ook een buiging. Als er maar respect is.

 

De Roover: Wij hebben de gewoonte om een hand te geven. Een buiging is hier géén teken van respect. Elders is dat wellicht anders, maar hier is hier. Dat zijn bovendien geen religieuze gebruiken. In dit land geeft 99,9 procent van de moslima’s gewoon een hand. We gaan daar dus ook geen wet voor invoeren. Politici geven nogal snel de indruk dat ze alles met nieuwe wetten willen oplossen.


Is zo’n weigering dan wel voldoende om een van de mooiste dagen van iemands leven, zijn huwelijk, te verpesten?

 

De Roover: Als ik mijn hand uitsteek en iemand weigert ze, dan sta ik voor lul. Welk extremistisch idee inspireert iemand om zo onbeleefd te zijn?

 

Calvo: Heeft Zuhal Demir, toen ze districtsburgemeester van Antwerpen was, altijd geëist dat iedereen haar een hand gaf? Ook de chassidische mannen?

 

De Roover: Dat moet je aan haar vragen. Ik betreur dat er mensen zijn die hier wonen en niet echt in onze samenleving willen participeren. Als dat op een niet-conflictueuze manier gebeurt, dan is dat zo. Maar ik blijf erbij dat het geen goed model is. Als het bij de chassidische joden om meer zou gaan dan een kleine minderheid in één stad, dan zouden we met een probleem zitten.


Het was de Mechelse N-VA-schepen Marc Hendrickx – uw coalitiepartner, meneer Calvo –, die van de hand een staatszaak maakte.

 

Calvo: Ik heb meteen geprotesteerd. Ik ben niet tegen een beetje spektakel in de politiek, maar op sociale media een show opvoeren en iemands trouwerij verpesten, dat is niet netjes. Marc Hendrickx was er vooraf over geïnformeerd dat het probleem zich zou voordoen. Hij wilde niet naar een oplossing zoeken en heeft de ceremonie gebruikt om het conflict op te zoeken. Dat past niet in de Mechelse huisstijl. Wat Hendrickx deed, was een Antwerpse oprisping.

 

Tegelijk mag de schepen zich inderdaad geschoffeerd voelen door iemand die zijn uitgestoken hand weigert. Ik ben het er niet mee eens dat het weigeren van een hand geen betekenis heeft. Maar het kan niet dat de stad daaraan de consequentie verbindt dat die mensen niet kunnen trouwen. Inderdaad, Peter, deze samenleving is geen wit blad: dit land is een rechtsstaat en een democratie. En onze wetten garanderen dat ook mensen die men onbeleefd en brutaal vindt het recht hebben om te trouwen.


Maakt u zich wel zorgen over fundamentalistische moslims?

 

Calvo: Radicale extremistische stemmen moeten ook progressieven op hun weg vinden. Maar al die discussies maken ons wat bijziend. Het lijkt alsof onze samenleving vol loopt met moslims die dromen van aparte bussen voor mannen en vrouwen. Ik geef een stem aan iedereen die er in het leven gewoon het beste van probeert te maken. Neem nu de hoofddoek: als ongelovige kan ik mij moeilijk voorstellen dat religie zo belangrijk is voor iemand dat ze haar geloof zichtbaar wil maken met een hoofddoek. Maar die vrouwen moeten die keuze zelf kunnen maken, dat is een vrijheidskwestie. Tussen soumission en alles bij het oude laten ligt een zee van ruimte voor dialoog. Dan wacht ons geen kalifaat, maar een vrijere samenleving.


De partij Islam zet die dialoog wel op scherp.

 

De Roover: Als die partij de sharia wil invoeren, zullen we ze verbieden.


U wilt de partij Islam verbieden, terwijl u geen groot voorstander was van de processen tegen het VB.

 

De Roover: De sharia gaat in tegen de democratie en de mensenrechten. Dat is geen variatie op thema’s waarover wij debatteren in het parlement. Ik vind het idee om vrouwen achter in de bus te stoppen en mannen voorin belachelijk, maar uiteindelijk mag iedereen zo’n voorstel in de groep gooien. Dat zal ik niet verbieden. De sharia is iets anders: dat is een religieus model dat in de plaats zou komen van ons democratische stelsel. En voor ons is dat geen politiek project waarover te debatteren valt. Punt.

 

Calvo: Als een partij of een persoon openlijke inbreuken pleegt op de wetgeving, en er een rechtsgrond is om zo’n partij te veroordelen, dan moet dat gebeuren. Iets helemaal anders is een partij bij voorbaat uitsluiten.

 

De Roover: De partij Islam is veel fundamentalistischer dan wat het VB ooit voorstelde: ze wil de sharia invoeren en het democratische besluitvormingsproces ondergeschikt maken aan een bepaald religieus rechtsstelsel.


Is er al een wet in de maak die het verbiedt om te pleiten voor de invoering van de sharia?

 

De Roover: Wij gaan zo’n antishariawet invoeren. Ons democratische model laat een enorme waaier aan opinies toe, van uiterst links tot uiterst rechts. Maar het heeft ook zijn grenzen: je kunt jezelf niet buiten de democratie plaatsen. Voor alle duidelijkheid, het gros van de moslims wil de sharia níét invoeren.

 

Calvo: (cynisch) Goed dat je dat nog eens herhaalt.


Klopt onze indruk dat de verbale animositeit tussen de meerderheid en de oppositie oploopt? Hoe minder regeringswerk om over te debatteren, hoe meer ruimte voor overdrijving en brutaliteit. Ook in de Kamer.

 

De Roover: Toch mag ik hopen dat het parlementaire debat ergens over gaat. Mensen vragen soms of wij komedie spelen tegen elkaar. Het antwoord is: jee . Ja en nee.


‘Jee’? Dat de CD&V dat nooit bedacht heeft.

 

De Roover: We pakken alles af van de CD&V, zelfs haar tjevenpraat. (lacht) Spelen wij dus komedie in het parlement? Als ik in de clinch ga met iemand van de oppositie, wil dat niet zeggen dat ik iets heb tegen die man of vrouw, en ik verdedig andere leden van de meerderheid ook niet omdat ik ze zo graag mag. Politiek is een ploegsport. Ik hou niet van prima donna’s die alleen naar zichzelf kijken. Als wij bij de N-VA van mening verschillen, doen we dat intern. In de Kamer zal ik vervolgens mijn rol spelen: ik verdedig de regering, de coalitie en mijn partij. Ik vind het niet hypocriet om stevig tegen een lid van de oppositie in te gaan en nadien samen een pint te drinken.

 

Calvo: Er is ook veel warmte en menselijkheid in de politiek. Meryame Kitir (SP.A) en ik geven elkaar elke donderdag een vuistje voor het debat begint: ik vind Kitir een fijne, warme madame. Dat geldt ook voor Eric Van Rompuy (CD&V).

 

De Roover: Is Eric Van Rompuy ook een fijne madame?

 

Calvo: Ik kan er erg van genieten om met Eric over politieke geschiedenis te praten. Uiteraard is de relatie niet met iedereen van de meerderheid even goed. Soms wordt het politieke verschil zo groot dat het weegt op de persoonlijke relaties.


In uw boek ‘Leve politiek’ bent u opvallend hard voor Zuhal Demir.

 

Calvo: Er is ooit een filmpje gemaakt naar aanleiding van ‘complimentendag’, waarin Zuhal Demir en ik elkaar bloempjes toewerpen. Zij zal dat niet meer doen, ik ook niet. Het tv-programma Terug naar eigen land was daarin een kantelpunt. Ik vond het vreselijk hoe harteloos en koud ze bleef spreken over de vluchtelingen die ze ontmoette.


Hoe is uw relatie met Eric Van Rompuy, meneer De Roover? Hij maakt het de N-VA vaak lastig met zijn kritiek.

 

De Roover: Als ik problemen heb met het regeringsbeleid, heb ik rechtstreekse toegang tot partijleiders, ministers en kabinetsmedewerkers die er iets aan kunnen doen. Ik heb niet het ego, zoals Van Rompuy dat heeft, om journalisten te bellen. Ik zal geen blogs tegen de CD&V schrijven. Als ik dat zou doen, zou ik ook elke dag een voorpagina kunnen halen.


N-VA’ers profileren zich ook op de kap van de CD&V. Koen Daniëls kapittelt voortdurend minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V), onlangs nog over het M-decreet.

 

De Roover: Onze fracties zijn gedisciplineerd, maar dat betekent niet dat je geen smoel meer mag tonen. Aan die evenwichtsoefening heb ik als fractieleider een volle dagtaak. Hoeveel smoel toon je terwijl je toch binnen de meerderheid blijft werken? Er zijn ook best verschillen tussen de visie van de N-VA en de tekst van het federale regeerakkoord, en toch verdedigen wij de regering. Soms zullen we gas geven, soms moeten we wat gas terugnemen. Waar ligt het evenwicht? Niet waar Eric Van Rompuy het legt. Het enige voordeel van zijn interventies is dat we geen oppositie meer nodig hebben. Sorry, Kristof.

 

Calvo: Pfff... Ik ben die framing van dat ‘kibbelkabinet’ nogal beu. Het is toch gezond in een democratie dat partijen en mensen opkomen voor hun overtuiging? Om geloofwaardig te blijven, moeten we ook authentiek zijn, en transparant zijn over de compromissen die we sluiten. De regering-Michel biedt ons nu het slechtste van twee werelden: ze slaan elkaar de kop in, en daarna doen ze allemaal alsof ze hun eigen programma alsnog realiseren

 

De Roover: Het is de pers die kickt op dat conflict. Inhoudelijke dossiers krijgen mijn Kamerleden aan de straatstenen niet verkocht. Een voorbeeld? Jan Spooren heeft verstandige dingen te zeggen over de reactivering van langdurig zieken. Er is amper interesse voor.

 

Calvo: Er zijn ook N-VA’ers die daar wel in slagen. Bert Wollants is een goed voorbeeld van de soort van volksvertegenwoordiger die ik vroeger ook was. Nu ben ik fractieleider…

 

De Roover: Ben jij fractieleider? Is Ecolo/Groen gesplitst?

 

Calvo: (zucht) Je ben een formalist. (Calvo wisselt als fractieleider om het jaar af met Jean-Marc Nollet van Ecolo, nvdr.).

 

De Roover: Ik betrap je. Is dat geen schriftvervalsing? Een politicus die liegt, Kristof, moet die geen ontslag nemen?

 

Calvo: (onverstoorbaar) Met degelijk parlementair werk kan een Kamerlid zoals Wollants wel een eigen gezicht krijgen. Ik heb dat rond kernenergie gedaan. Maar het klopt helaas dat media veel politieke debatten pas oppikken als wij elkaar de kop inslaan. Tegelijk ontspoort de N-VA door systematisch in te hakken op redacties als er iets geschreven of gezegd wordt dat hen niet aanstaat – kijk maar naar wat Siegfried Bracke zich veroorlooft tegenover zijn oud-collega’s van de VRT. En die autoritaire politiek wérkt: titels worden aangepast, journalisten denken twee keer na als het over de N-VA gaat. Jullie mediakritiek beperkt zich niet tot het checken van feiten. Hij is veel assertiever en agressiever dan dat.

 

De Roover: Hou de media maar scherp, Kristof. Je hoeft ze niet te verdedigen, ze hebben middelen genoeg om dat zelf te doen. Het debat op sociale media is een nieuwe vorm van burgerparticipatie. Vroeger kwamen ontevreden mensen op straat en gingen ze affiches plakken, nu zitten ze op Twitter en Facebook. Dat zijn jonge, geëngageerde mensen die zich spontaan in de strijd werpen. Ik aanvaard trouwens het verwijt niet dat boertigheid op sociale media een kenmerk zou zijn van één politieke stroming. Het is een kenmerk van het medium.

 


"Kristof roept veel weerstand op. Je bent voor hem of tegen hem. Dat heeft hij gemeen met Theo Francken"



Bij de N-VA-achterban, en tot in uw fractie toe, werkt Kristof Calvo als een rode lap op een stier.

 

De Roover: Hij roept inderdaad veel weerstand op. Ik zal er in één moeite twee tegelijk beledigen: dat heeft Kristof gemeen met Theo Francken. Je bent voor hem of tegen hem, en geen klein beetje. Calvo heeft ook een uitgesproken profiel. Tegelijk heeft hij eerder de gave van de oneliner dan die van de precisie. Als Calvo de tribune beklimt, is dat pure brandstof voor de factcheckmachine die onze fractie dan is. Die draait dan op volle toeren.

 

Calvo: (tegen Knack) Nu hebben jullie een scoop: de N-VA is plots fan van correcte feiten. Ik weet niet of het afgesproken is, maar het gejoel van de N-VA’ers is groot als wij het woord nemen. Een spreker proberen te intimideren lukt beter met een grote bende dan met een klein groepje. Maar dat schrikt mensen zoals Meyrem Almaci en ik niet af. Wij roepen terug. (lacht)

 

De Roover: Per zitting van de Kamer mag elke fractie twee actuele vragen stellen. Twéé. Dat zijn er dus evenveel voor de 31 N-VA’ers als voor de 12 groenen. En het parlementslid aan de microfoon moet zijn vraag richten tot de minister. Mijn goede collega Calvo hier maakt er een gewoonte van om telkens de N-VA of een andere N-VA’er bij zijn vraag te betrekken, als het ware over die minister heen. Wij zitten dan met de handen gebonden, wij mogen niet antwoorden want er is enkel een debat tussen de minister en de opposant. Dan wordt er weleens geroepen, ja.


Stoort die vijandigheid u? Of doet u er net om, om de N-VA op stang te jagen?

 

Calvo: Ik ben niet de meest terughoudende van de klas, nee. Toch schrik ik soms van de reacties van sommige leden van de N-VAfractie, die blijkbaar geabonneerd zijn op tweets óver mij. Er zijn evengoed N-VA’ers voor wie ik respect heb, en met wie ik wel een behoorlijke relatie heb. Er zijn bijvoorbeeld weinig ministers die zo veel respect hebben voor het parlement als Jan Jambon – je voelt aan zijn omgang met de Kamer dat Jambon zelf een goed parlementslid is geweest. Ik zoek het conflict met de N-VA dus niet op, al is het normaal dat Groen en de N-VA met elkaar in de clinch gaan. De N-VA is erg succesvol geweest in haar strijd tegen de socialisten. Ze merkt nu dat er aan de linkerzijde een nieuwe uitdager is opgestaan, en nu bindt ze de strijd aan met Groen. Kortom, ik beschouw het als een compliment dat de N-VA ons viseert.

 



Verschenen in Knack op 23 mei 2018 en hier geplaatst op 28 mei 2018.

 

Foto: © Knack


TIP: Dankzij internet kunnen wij ook veel mensen bereiken buiten de klassieke media om. Help daarbij en deel dit artikel. Gewoon op de knop hieronder drukken.

 

Share this
delen